Spaanse uitdrukkingen en zinnen

Met deze 254 Spaanse zinnen en uitdrukkingen red je je in alledaagse situaties: in het restaurant, op het station, aan de telefoon en meer. Ze staan per onderwerp, met de Nederlandse vertaling en de uitspraak.

Aan de telefoon

13 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
¿Cómo se escribe?Hoe schrijf je dat?
¿Cuál es el número?Wat is het nummer?
De nadaGeen dank
¿Diga? / ¿Dígame?Hallo?
DisculpeExcuseert u mij
¿Está la señora Suárez?Is mevrouw Suárez er?
Lo siento, no estáHet spijt me, die is er niet
Muchas graciasHeel erg bedankt
Pregunto por la señora SuárezIk bel voor mevrouw Suárez
¿Quiere dejar algún recado?Wilt u een boodschap achterlaten?
¿Quiere deletrearlo, por favor?Wilt u het spellen, alstublieft?
¿Quiere repetirlo, por favor?Wilt u het herhalen, alstublieft?
¿Se escribe con c o con k?Schrijft u het met een c of een k?

Accommodaties

20 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
¿A nombre de quién?Op welke naam?
Alojamiento y desayunoOvernachting met ontbijt
¿Cuánto es por noche?Hoeveel is het per nacht?
Del diez al diecisiete de julioVan 10 tot 17 juli
¿En qué puedo servirle?Waar kan ik u mee van dienst zijn?
La habitación está libreDe kamer is vrij
He reservado dos habitaciones doblesIk heb twee tweepersoonskamers gereserveerd
Le pongo con ReservasIk verbind u met Reserveringen
Lo siento, no quedanHet spijt me, we hebben er geen meer
¿Para cuándo?Voor wanneer?
¿Para cuántas noches?Voor hoeveel nachten?
Por fax / teléfono / e-mailPer fax / telefoon / e-mail
¿Puede mandarme una confirmación?Kunt u mij een bevestiging sturen?
¿Qué desea?Wat wenst u?
Quisiera reservar una habitaciónIk wil graag een kamer reserveren
Solo queda unaWe hebben er nog maar één
¿Tiene reserva?Heeft u een reservering?
Una habitación dobleEen tweepersoonskamer
Una habitación familiarEen familiekamer
Una habitación individualEen eenpersoonskamer

Afscheid nemen

1 uitdrukking
SpaansNederlandsUitspraak
Lamento despedirmeHet spijt me dat ik afscheid moet nemen

Begroeten en voorstellen

17 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
Bastante bienRedelijk goed
¡Buenas!Hallo!
¡Buenos días a todos!Goedemorgen allemaal!
¿Cómo está usted?Hoe gaat het met u?
¿Cómo te llamas?Hoe heet je?
Encantado, encantadaAangenaam
Esta es AnaDit is Ana
Esta es MaríaDit is María
Este es JuanDit is Juan
Este es MarkDit is Mark
Me llamo FrankIk heet Frank
Me llamo JonathanIk heet Jonathan
Muy bienErg goed
¡Oye!Hé!
¡Qué bien!Wat goed zeg!
Soy AnneIk ben Anne
Soy MiguelIk ben Miguel

De weg vragen

18 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
A la derechaRechts
A la izquierdaLinks
Al final de la calleAan het eind van de straat
Al lado deNaast
¿Cómo voy?Hoe kom ik daar?
Cruce la plazaSteek het plein over
Detrás deAchter
¿Dónde está…?Waar is …?
Enfrente deTegenover
Está a cinco minutos a pieHet is vijf minuten lopen
Está a unos diez minutosHet is ongeveer tien minuten hiervandaan
Está cercaHet is dichtbij
Está lejosHet is ver weg
Estamos perdidosWe zijn de weg kwijt
Siga todo rectoGa steeds rechtdoor
Tome la primera calleNeem de eerste straat
Vaya a la derechaGa rechtsaf
Vaya a la izquierdaGa linksaf

Familie

4 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
Una chicaEen meisje
Una mujerEen vrouw
Unas chicasEen paar meisjes
Unas mujeresEen paar vrouwen

Gezondheid

1 uitdrukking
SpaansNederlandsUitspraak
¿Dónde te duele?Waar doet het pijn?

Hulp krijgen

11 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
¡Ayuda!Help!
Estoy enfermoIk ben ziek
¡Fuego!Brand!
Me duele la cabezaIk heb hoofdpijn
¡Me han robado!Ik ben beroofd!
Me siento malIk voel mij niet goed
Necesito ...Ik heb ... nodig
Soy alérgico a ...Ik ben allergisch voor ...
Soy diabéticoIk ben diabeet
Tengo diarreaIk heb diarree
Tengo dolor de ...Ik heb pijn in ...

In het restaurant

17 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
¿Algo más?Nog iets anders?
¿Desea otra cosa?Wenst u nog iets anders?
¿Dónde están los servicios?Waar zijn de toiletten?
¿Entramos?Zullen we naar binnen gaan?
¿Le puedo servir en algo?Kan ik u ergens mee van dienst zijn?
¿Me pone una Coca-Cola?Mag ik een Coca-Cola?
¿Me quiere dar ...?Wilt u mij ... geven?
No quedanEr zijn er geen meer
¿Nos sentamos aquí?Zullen we hier gaan zitten?
Otra cerveza, por favorNog een biertje graag
Por favor, ¿tiene ...?Heeft u ... alstublieft?
¿Qué tomas tú?Wat neem jij?
Tengo hambreIk heb honger
Tengo sedIk heb dorst
¿Todavía hay ...?Is er nog ...?
Voy a tomar ...Ik neem ...
¿Ya han decidido?Heeft u al gekozen?

Kloktijden

12 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
Es la una en puntoHet is precies één uur
Es la una menos veinticincoHet is vijf over half één
Es la una y dos minutosHet is twee over één
¿Qué hora es?Hoe laat is het?
Son casi las ochoHet is bijna acht uur
Son las cincoHet is vijf uur
Son las diez menos veinteHet is tien over half tien
Son las doce menos cuartoHet is kwart voor twaalf
Son las dos y cinco / y diezHet is vijf / tien over twee
Son las ocho pasadasHet is net over achten
Son las seis y mediaHet is half zeven
Son las tres y cuartoHet is kwart over drie

Ontkenningen

10 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
Ana no está enfermaAna is niet ziek
De ninguna maneraOp geen enkele manier
En ningún casoIn geen geval
Hoy tampoco he trabajadoIk heb vandaag ook niet gewerkt
Ni Ana ni Paco tienen trabajoNoch Ana noch Paco heeft werk
No conozco a nadieIk ken niemand
No ha venido ninguno de los invitadosGeen van de genodigden is gekomen
No me interesa nadaHet interesseert me helemaal niet
No tengo dineroIk heb geen geld
Nunca he comido pavoIk heb nog nooit kalkoen gegeten

Op het station

17 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
¿A qué hora llega?Hoe laat komt hij aan?
¿A qué hora sale?Hoe laat vertrekt hij?
¿El asiento está reservado?Is deze zitplaats gereserveerd?
¿Cuánto dura el viaje?Hoe lang duurt de reis?
¿De qué vía sale?Vanaf welk spoor vertrekt hij?
¿Dónde tengo que bajar?Waar moet ik uitstappen?
¿Hay descuento para estudiantes?Is er korting voor studenten?
¿Hay que pagar suplemento?Moet je toeslag betalen?
Llega a las ochoHij komt om acht uur aan
Quisiera un billete de idaIk wil graag een enkeltje
Sale a las seisHij vertrekt om zes uur
Sale del andén tresHij vertrekt van perron drie
Tiene que hacer transbordoU moet overstappen
El tren va con retrasoDe trein heeft vertraging
Un billete de ida y vuelta, por favorEen retourtje, alstublieft
Un retraso de media horaEen vertraging van een half uur
¿Va directo?Is het een directe verbinding?

Op kantoor

17 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
Abrir un documentoEen document openen
Anular un pedidoEen bestelling annuleren
Arreglar los papelesDe papieren in orde maken
Contestar una llamadaEen telefoontje aannemen
Convocar una reuniónEen vergadering beleggen
Dar informaciónInformatie geven
Dejar un recadoEen boodschap achterlaten
Enviar un faxEen fax versturen
Escribir a máquinaTypen
Levantar actaNotuleren
Llamar por teléfonoBellen
Pasar una llamadaEen telefoontje doorverbinden
Pedir una citaEen afspraak maken
Recibir a clientesKlanten ontvangen
Rellenar un formularioEen formulier invullen
Un ordenadorEen computer
Unos ordenadoresEen paar computers

Op reis

7 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
¿A qué hora coges el autobús?Hoe laat pak je de bus?
¿Cómo vas a Barcelona?Hoe ga je naar Barcelona?
¿Cuándo sale el avión?Wanneer vertrekt het vliegtuig?
Salgo el lunes y vuelvo el sábadoIk vertrek maandag en ik kom zaterdag terug
Todo está organizadoAlles is geregeld
¿Vas en coche o en tren?Ga je met de auto of met de trein?
Voy en aviónIk ga met het vliegtuig

Por en para

28 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
Anduve por las calles de GironaIk liep door de straten van Girona
Ciento por cientoHonderd procent
Compré este coche por mil eurosIk heb deze auto voor duizend euro gekocht
Este libro es bueno para leerDit boek is goed om te lezen
Este regalo es para mi padreDit cadeau is voor mijn vader
¿Este tren pasa por Madrid?Rijdt deze trein via Madrid?
Estudié el francés por dos mesesIk heb twee maanden Frans gestudeerd
Hay mucha gente por aquíEr zijn hier veel mensen
Llegué tarde por el tráficoIk was te laat door het verkeer
Lo hago por mi madreIk doe het voor mijn moeder
Lo necesito para cortar la carneIk heb het nodig om het vlees te snijden
Me pagan veinte euros por horaZe betalen me twintig euro per uur
Mi tía trabaja para la universidadMijn tante werkt voor de universiteit
Necesito el artículo para el viernesIk heb het artikel uiterlijk vrijdag nodig
Nos vemos mañana por la tardeWe zien elkaar morgenmiddag
¿Para qué necesitas el cuchillo?Waarvoor heb je het mes nodig?
Para siempreVoor altijd
¡Por Dios!In godsnaam!
Por favorAlsjeblieft
¿Por qué lo hiciste?Waarom heb je dat gedaan?
Por si acasoVoor het geval dat
Por supuestoNatuurlijk
Quiero cambiar estos euros por dólaresIk wil deze euro's omwisselen voor dollars
Quiero cambiarlo por otroIk wil deze ruilen voor een andere
Salimos para Holanda la semana que vieneWe vertrekken volgende week naar Nederland
Vamos para el norteWe gaan naar het noorden
Vamos por el norteWe gaan via het noorden
Viajamos por aviónWe reizen per vliegtuig

Ser, estar en hay

22 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
El café es para mi mujerDe koffie is voor mijn vrouw
Es interesante hacer una excursiónHet is interessant om een excursie te maken
Es la unaHet is één uur
Es una chicaHet is een meisje
Es útil hablar españolHet is nuttig om Spaans te spreken
Esta chica está en la piscinaDit meisje is in het zwembad
Estos vinos son de EspañaDeze wijnen komen uit Spanje
Estoy felizIk ben gelukkig
Estoy muy bienHet gaat heel goed
Las gafas son de mi maridoDe bril is van mijn man
Hay dos señoras en la terrazaEr zijn twee dames op het terras
Hay un hombre en el bancoEr is een man in de bank
Juan es camareroJuan is ober
Juan está en el bancoJuan is in de bank
Mi equipaje está en el taxiMijn bagage is in de taxi
No hay nadieEr is niemand
¿Qué libro hay en la mesa?Welk boek ligt er op tafel?
Los señores están en el barDe heren zijn in de bar
Somos estudiantesWij zijn studenten
Son las dos y cuartoHet is kwart over twee
Soy de HolandaIk kom uit Nederland
Soy profesoraIk ben lerares

Sporten

2 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
Un campeónEen kampioen
Unos campeonesEen paar kampioenen

Tener que, hay que en deber

8 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
Debemos calcular bien nuestros gastosWe moeten onze uitgaven goed berekenen
Debo decirle que…Ik moet u zeggen dat…
Hay que tener cuidado al cruzarJe moet voorzichtig zijn bij het oversteken
Hay que tener pacienciaJe moet geduld hebben
Nuestro hijo tiene que estar en casa a la unaOnze zoon moet om één uur thuis zijn
¿Te debo algo?Ben ik je iets schuldig?
Tienes que pagar mil eurosJe moet duizend euro betalen
Usted debe visitar a su amigo en el hospitalU moet uw vriend in het ziekenhuis bezoeken

Tijdsaanduidingen

9 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
A medianocheOm middernacht
A mediodíaTussen de middag
El jueves por la tardeDonderdagmiddag
El martes por la mañanaDinsdagochtend
Por la mañanaIn de ochtend
Por la nocheIn de avond / in de nacht
Por la tardeIn de middag
Por la tarde/nocheIn de avond
El sábado por la nocheZaterdagavond

Vraagwoorden

3 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
¿Cuál es su asiento?Wat is uw zitplaats?
¿Cuáles son los precios actuales?Wat zijn de huidige prijzen?
¿Qué es esto?Wat is dit?

Weer

17 uitdrukkingen
SpaansNederlandsUitspraak
Está cubiertoHet is zwaar bewolkt
Está despejadoHet is onbewolkt
Está nubladoHet is bewolkt
Está nubosoHet is bewolkt
Hace buen tiempoHet is mooi weer
Hace calorHet is warm
Hace fríoHet is koud
Hace mal tiempoHet is slecht weer
Hace solDe zon schijnt
Hace unos veinticinco gradosHet is ongeveer 25 graden
Hace vientoHet waait
Hay chubascosEr vallen regenbuien
Hay nieblaHet is mistig
Hay tormentaEr is onweer
Llueve (llover)Het regent (regenen)
Nieva (nevar)Het sneeuwt (sneeuwen)
¿Qué tiempo hace?Wat voor weer is het?

Alle woorden → · Alle categorieën →

Leer elke week 7 nieuwe Spaanse woorden: gratis in je mailbox.

Updates ontvangen