Spaanse woorden en zinnen voor op reis

In deze categorie staan 7 woorden en 7 uitdrukkingen, van makkelijk (A1) naar moeilijker. Klik op de luidspreker om de uitspraak te horen, of op een woord voor meer voorbeeldzinnen en uitleg.

Woorden (7)

SpaansNederlandsUitspraak
BarcelonaA1

Este verano hemos pasado una semana en Barcelona.

Barcelona
SevillaA1

Sevilla es famosa por su Feria de Abril.

Sevilla
la ciudadA1

Madrid es la ciudad más grande de España.

de stad
el viaje de idaA2

El viaje de ida dura tres horas en tren.

de heenreis
el viaje de vueltaA2

El viaje de vuelta se nos hizo muy largo.

de terugreis
JerezA2

En Jerez hemos visitado una bodega de vino.

Jerez
ZaragozaA2

Zaragoza está entre Madrid y Barcelona.

Zaragoza

Uitdrukkingen (7)

SpaansNederlandsUitspraak
¿Cómo vas a Barcelona?A1Hoe ga je naar Barcelona?
¿Cuándo sale el avión?A1Wanneer vertrekt het vliegtuig?
¿Vas en coche o en tren?A1Ga je met de auto of met de trein?
Voy en aviónA1Ik ga met het vliegtuig
¿A qué hora coges el autobús?A2Hoe laat pak je de bus?
Salgo el lunes y vuelvo el sábadoA2Ik vertrek maandag en ik kom zaterdag terug
Todo está organizadoA2Alles is geregeld

← Alle categorieën · Alle woorden

Leer elke week 7 nieuwe Spaanse woorden: gratis in je mailbox.

Updates ontvangen